Kadaster: woningverkoop trekt verder aan

De huizenverkoop in Nederland is in juni met bijna 18% gestegen ten opzichte van een jaar eerder. Dat heeft het Kadaster bekend gemaakt. In totaal werden vorige maand 17.862 woningen verkocht, tegenover 15.147 in juni 2015. Ten opzichte van mei dit jaar nam de verkoop met ruim 11% toe.

In alle provincies werden meer woningen verkocht dan een jaar eerder. De sterkste stijging -plus 45%- werd gemeten in Flevoland. In Noord-Holland was de groei met nog geen 4% het meest beperkt. Ook het aantal geregistreerde hypotheken nam de afgelopen maand toe. Ten opzichte van juni vorig jaar ging het om een stijging van 18,4%, van 21.793 naar 25.805. Vergeleken met mei 2016 (22.706) is er sprake van een stijging van 13,7%.

Vereniging Eigen Huis
Vereniging Eigen Huis (VEH) gaf eerder deze week op basis van zijn eigen marktindicator aan dat het vertrouwen van consumenten op de woningmarkt de afgelopen tijd door de lage rente nog verder is gestegen. Door de enorme vraag naar koopwoningen wordt het aanbod van passende woningen in veel regio’s volgens de vereniging echter steeds schaarser.

“Vooral in het Randstedelijk gebied wordt het aanbod steeds krapper, zowel in de bestaande bouw als in de nieuwbouw”, aldus de VEH. “Het gevolg is regionale ademnood. Mensen maken minder kans op een passende woning, de prijzen lopen steeds verder op en kopers nemen in hun zoektocht steeds vaker grote risico’s door al hun financiële reserves in te zetten, of kunnen met geen mogelijkheid nog gebruik maken van een voorbehoud van financiering.”

Verkeerde plek
Volgens de VEH ontstaan de problemen deels doordat op de verkeerde plekken wordt gebouwd. De vereniging dringt er daarom bij provincies op aan om er samen met gemeentes voor te zorgen dat de bouw van nieuwe woningen beter aansluit bij de vraag in de regio.
Bron: AMWeb.nl

Een auto huren in het buitenland?

Een auto huren in het buitenland? Deze 5 tips helpen je alvast op weg.

  1. Huur de auto vooraf vanuit Nederland. Dit geeft je tijd en je doet het in je eigen taal. Ook loopt de huur dan vaak via grote, internationale autoverhuurders. Wel zo zeker.
  2. Alleen een reisverzekering is onvoldoende. Ga bij de huur all inclusive of laat je in elk geval niet verrassen door bijkomende kilometerkosten en extra verzekeringen.
  3. Check het huurcontract. Let daarbij op de eigen plannen en de eventueel kleine lettertjes. Want wat als je in Zuid-Spanje bent en een dagje Portugal bezoekt?
  4. Is er een ongeval? Bel de lokale hulpdiensten en neem contact op met de verhuurder. Doe dit laatste ook als je een technisch probleem hebt.
  5. Let bij het ophalen en terugbrengen van de auto op mogelijke schade en check of alles het doet. Maak foto’s van eventuele schade en laat het opschrijven op het huurcontract. Lever de auto binnen kantooruren in.

Meer vakantiepret? Kijk op www.adfiz.nl/finfin/vakantie

POKÉMON GO in het verkeer kan je duur komen te staan, óók als je zelf niet speelt!

De wereldwijde hype rond Pokémon Go zal je vast niet ontgaan zijn. In de media wordt terecht ook veel gewezen op de risico’s van het spel voor verkeersdeelnemers. Spelers moeten zelf oog houden voor het verkeer om hen heen en natuurlijk is het een heel slecht idee om in de auto te jagen op Pokémon of al rijdend even wat Poké Balls op te pikken bij een Poké Stop. Maar wat als een Pokémon Trainer opeens de straat oploopt omdat er een Pikachu is opgedoken? Voetgangers hebben een zeer beschermde status en als automobilist ben je al snel geheel of gedeeltelijk aansprakelijk.

Zoek getuigen 

Fietsers en voetgangers worden gezien als zwakkere verkeersdeelnemers. De wet bepaalt daarom dat bij een ongeluk de bestuurder van het motorvoertuig aansprakelijk is, tenzij hij overmacht kan bewijzen. Mocht je dus een onvoorzichtige Pokémon trainer aanrijden, kijk dan vooral ook om je heen naar getuigen die gezien hebben wat er gebeurde. Getuigen kunnen helpen bij het aantonen van overmacht of onvoorzichtigheid.

Extra opletten bij Pokémon trainers onder de 14 jaar

Voor fietsers of voetganger jonger dan 14 jaar geldt een iets andere regel. De reden is dat het verkeersinzicht van kinderen nog niet goed ontwikkeld is.

  • Bij een aanrijding tussen een motorvoertuig en een fietser of voetganger jonger dan 14 jaar, krijgt deze altijd 100% van de schade vergoed. Dat geldt ook als de automobilist niets valt te verwijten.
  • Dit is alleen anders als de bestuurder van het motorvoertuig kan bewijzen dat het kind de aanrijding opzettelijk heeft veroorzaakt. Dat is zéér zelden het geval.

(Bron: ANWB)

Schuld door Pokémontrainer

Tot slot: mocht een fietser of voetganger tijdens het vangen schade veroorzaken aan jouw motorvoertuig kun je de schade claimen. Dit kan rechtstreeks bij de fietser of voetganger. Dit geldt alleen als je kunt bewijzen dat het niet jouw schuld is. Ga daarom altijd op zoek naar getuigen.

’Verzekeraar moet menselijker worden’

Verzekeraars moeten bij klachten meer rekening houden met het menselijke aspect. „Je moet met het menselijke aspect willen omgaan”, zegt directeur Bas de Groot van klachteninstituut Kifid in een interview met het vakblad Goedgekeurd.

Zo moeten verzekeraars hun klagende polishouders proberen te bellen in plaats van ’een briefje’ te sturen, vindt De Groot. „Ik benervan overtuigd dat ales een verzekeraar eerder de telefoon pakt en belt, hij al veel kou uit de lucht kan halen. Achterhaal waar het nou echt om gaat bij die consument. En realiseer je dat je continu met boze mensen te maken hebt.”

Het Kifid doet uitspraken in geschillen waar financiële dienstverleners, zoals verzekeraars, en hun klanten zelf niet meer uitkomen. Zo tikte het uitvaartverzekeraar Monuta op de vingers voor het eenzijdig wijzigen van de manier waarop de poliswaarde berekend wordt. Het instituut accepteert alleen klachten die eerst bij de verzekeraar zelf zijn ingediend.

Het stoort De Groot dat verzekeraars en banken tijdens Kifid-procedures nog uitstel aanvragen. „En dan moet het Kifid dus tegen een consument zeggen dat zijn verzekeraar meer tijd nodig heeft om met een antwoord te komen. Dan denk ik: verzekeraar, het is jouw klant! En die is nog steeds boos.”

„Het is ook voor consumenten moeilijk te begrijpen dat de verzekeraar in dat stadium kennelijk nog zo veel huiswerk moet doen”, vervolgt de oud-scheidsrechter in het betaald voetbal. „Dat beeld van trage verzekeraars straalt uiteindelijk af op de hele sector.”
Bron: verzekeringsnieuws.nl

Huizenkopers beter beschermd met nieuwe hypotheekregels

Consumenten die een huis willen kopen worden vanaf nu beter beschermd met de invoering van nieuwe hypotheekregels.

Zo moeten banken en andere hypotheekverstrekkers consumenten die een hypotheek willen een informatieblad geven dat er overal in de EU hetzelfde uitziet. Verder moeten hypotheekverstrekkers het jaarlijkse kostenpercentage bij de hypotheek melden. Consumenten kunnen hierdoor verschillende (ook buitenlandse) hypotheken beter vergelijken.

De offerte onder voorwaarden verdwijnt. Als een hypotheekverstrekker na het verstrekken van het informatieblad (ESIS) een aanbod doet, is dat definitief en bindend. Het kan alleen nog in het voordeel van de consument worden gewijzigd. Die heeft veertien dagen bedenktijd bij het aanbod.

Een bank mag nog steeds een vergoeding eisen voor het vervroegd aflossen van de hypotheek, maar die vergoeding mag niet hoger zijn dan het financiële nadeel dat de bank ondervindt door de vervroegde aflossing. Het gaat dan meestal om gemiste rentebetalingen; winstderving mag niet worden meegerekend.

Ook wordt de modelmatige taxatie van de waarde van een huis vaker mogelijk. Een huizenkoper is dan waarschijnlijk minder kosten kwijt voor taxatie. De modelmatige taxatie houdt in dat bij het sluiten van de hypotheek de waarde van de woning wordt gebaseerd op de WOZ-waarde of een andere betrouwbare modelmatige taxatie. Enige voorwaarde hierbij is dat de hoogte van de hypotheek niet meer is dan 90 procent van de op die manier vastgestelde waarde van de woning.

Met de nieuwe hypotheekregels zet Nederland een in 2014 aangenomen Europese hypothekenrichtlijn om in eigen wetgeving. De richtlijn moet leiden tot een hoog en gelijkwaardig niveau van consumentenbescherming in de EU en tot een goed functionerende interne markt voor hypotheken met meer onderlinge concurrentie.

De Tweede en Eerste Kamer stemden op respectievelijk 8 en 22 maart in met de voorstellen van minister Jeroen Dijsselbloem van Financiën en minister Ard van der Steur van Veiligheid en Justitie.

Bron: minfin.nl

Consumentenbond: schadevrije jaren ook voor partner

Autoverzekeringsmaatschappijen moeten schadevrije jaren niet alleen aan de hoofdverzekerde toekennen, maar ook aan andere regelmatige bestuurders van een auto. Dat meldt de Consumentenbond. De consumentenorganisatie wil hierover in gesprek gaan met het Verbond van Verzekeraars.

Een klein aantal autoverzekeraars is bereid niet alleen schadevrije jaren toe te kennen aan verzekerden, maar ook aan partners of andere regelmatige bestuurders. Volgens de Consumentenbond gaat het om ANWB/Unigarant, De Nederlanden van Nu en Generali. “De meeste verzekeraars weigeren dit echter nog te doen”, zo stelt de Consumentenbond. “Volgens het Verbond is er geen bezwaar als verzekeraars het aanbod op eigen houtje doen, maar is een collectieve afspraak juridisch niet mogelijk, omdat de contracten worden afgesloten tussen de verzekeraar en de verzekeringsnemer.” De Consumentenbond is van mening dat het Verbond van Verzekeraars zich verschuilt achter de wet “om modernisering van polissen tegen te houden”.

Aanpassingen
Een aantal verzekeraars zijn volgens de bond dus bereid voor één auto ook schadevrije jaren toe te kennen aan levenspartners als regelmatige bestuurder. “Het registratiesysteem moet hier nog wel op worden aangepast, dus het ‘verrekenen van de schadevrije jaren’ is nu nog niet mogelijk”, aldus de Consumentenbond. ABN Amro, ASR, Ditzo, Turien & Co, Univé en United Insurance willen het toekennen van schadevrije jaren aan andere regelmatige bestuurders alleen collectief regelen.

Bron: AMweb.nl

Een op de vijf jonge starters krijgt steun ouders

Starters op de woningmarkt krijgen vaker financiële steun van hun ouders. Bijna één op de vijf huizenbezitters onder de 35 heeft financiële steun ontvangen bij het kopen van hun eerste woning. Dit blijkt uit de ING Financieel fit Barometer. Hoewel veel Nederlanders geld overhouden, gaat dit niet naar spaarrekeningen maar vooral richting de (eigen) woning.

Steeds minder Nederlanders komen geld tekort, constateert ING. In het tweede kwartaal van 2016 zei 15 procent van de Nederlandse huishoudens moeilijk rond te kunnen komen. In 2013 was dit nog 23 procent. Bijna de helft van de Nederlanders (45 procent) zegt nu geld over te houden. Huishoudens gebruiken dit niet zozeer om te sparen, maar om extra af te lossen. Ruim één op de vijf woningbezitters met een hypotheekschuld (22 procent) heeft de afgelopen twaalf maanden extra afgelost, naast de reguliere aflossing.

Schenken populair

Voor jongeren is het steeds moeilijker om de aankoop van een woning te financieren. Onder vermogende ouders wint schenken of lenen aan hun kinderen aan populariteit. Uit de Barometer van ING blijkt dat meer kinderen door hun ouders worden gesteund bij het kopen van een huis dan vroeger. Van de huizenbezitters onder de 35 heeft 18 procent enige vorm van financiële steun ontvangen toen zij hun eerste woning aankochten. Van de 35-plussers werd slechts 8 procent bij de aankoop van hun eerste woning financieel gesteund.

Huurders slechter af

Huurders voelen zich een stuk minder financieel fit op het gebied van hun woonsituatie dan huiseigenaren. Terwijl huizenprijzen stegen en de hypotheekrente daalde, hebben veel huurders de afgelopen jaren te maken gehad met huurverhogingen. Zo zijn de gemiddelde woonlasten van huurders in drie jaar tijd met 8 procent gestegen, terwijl woonlasten van huizenbezitters met hetzelfde percentage zijn gedaald.

Bron: ING Financieel fit Barometer

Drie dingen die je moet weten over vakantiewerk

Veel jongeren hebben het hele jaar door een bijbaantje. En vaak kiezen ze ervoor in hun zomervakantie nog wat extra euro’s binnen te halen. Heeft je kind een bijbaantje deze zomer, of is hij of zij op zoek naar iets, dan is het belangrijk om op de hoogte te zijn van wat er bij komt kijken. Drie dingen om op te letten.

1. Werken vanaf 13 jaar, minimumloon vanaf 15 jaar

Jongeren mogen vakantiewerk doen vanaf het moment dat ze dertien zijn. Er zijn best veel dertienjarigen die dat ook daadwerkelijk doen: één op de drie scholieren van dertien en veertien jaar heeft een bijbaan. En van de scholieren van vijftien en zestien jaar werkt zelfs 56%.

Maar zij krijgen niet allemaal hetzelfde loon. De hoogte ervan is namelijk afhankelijk van de leeftijd.

Jongeren van dertien en veertien jaar hebben nog geen recht op het minimumloon. Dat geldt pas vanaf vijftien jaar: dan moet iemand in ieder geval het minimumloon krijgen (voor vijftienjarigen, bijvoorbeeld, is dat 2,64 euro op basis van een werkweek van veertig uur).

2. Gevolgen voor de kinderbijslag

Een dertien-, veertien- of vijftienjarige kan bijverdienen wat hij of zij wil zonder dat het van invloed is op de kinderbijslag die de ouders ontvangen.

Maar jongeren van zestien en zeventien mogen niet meer dan 1.266 euro netto per kwartaal verdienen, anders vervalt voor dat kwartaal de kinderbijslag. Let op: tijdens de zomervakantie mag 1.300 euro extra worden verdiend.

Als deze extra 1.300 euro (of minder) is verdiend bij dezelfde werkgever als bij wie de jongere de rest van het jaar een bijbaan heeft, dan is er een verklaring nodig – die moet de werkgever geven. De Sociale Verzekeringsbank (SVB), die kinderbijslag uitbetaalt, stelt aan de hand daarvan namelijk vast welk loon is verdiend bij de normale baan en welk bedrag is verdiend tijdens het zomerwerk.

3. Werkzaamheden en werktijden

Achttienjarigen mogen meer en andere werkzaamheden verrichten dan – bijvoorbeeld – jongeren van dertien. Wat voor werk iemand mag doen hangt namelijk af van de leeftijd.

Zo mogen jongeren beneden de achttien niet werken met giftige en andere gevaarlijke stoffen, met bestrijdingsmiddelen, met schadelijke straling of in een omgeving met veel lawaai.

Ook het aantal uren dat je kind mag werken is leeftijdsgebonden. Een paar voorbeelden:

  • In hun vakantie mogen dertien- en veertienjarigen zeven uur per dag werken. Dit mag niet meer dan 35 uur per week en niet meer dan vijf dagen na elkaar. Zij mogen niet werken voor 7.00 uur en niet na 19.00 uur.
  • Vijftienjarigen mogen in vakanties acht uur per dag werken, maar niet meer dan 40 uur per week en ook niet meer dan vijf dagen achtereen. Ze mogen niet voor 7.00 uur en niet na 21.00 uur werken.
  • Jongeren van zestien of zeventien mogen in hun vakantie negen uur per dag werken, maar niet meer dan 45 uur per week. Tussen 23.00 en 6.00 mogen ze niet werken.

De Rijksoverheid heeft uitgebreid uiteengezet welke werkzaamheden jongeren precies op welke leeftijd mogen verrichten en op welke tijdstippen dit exact wel en niet mag.

IEXgeld

Dit artikel is geschreven door IEXgeld. IEXGeld vindt het belangrijk dat je nadenkt over geldzaken.

Nederlandse rente naar nieuw dieptepunt

AMSTERDAM – De rente op Nederlandse staatsleningen is maandagochtend weer verder gedaald. Het rendement op tienjarige staatsleningen kwam daarbij, na een eerdere dip vorige week, nog duidelijker onder nul procent te liggen.
In de ochtendhandel zakte de effectieve rente op tienjarige staatsleningen naar een voorlopig dieptepunt van min 0,012 procent. Vorige week woensdag zakte het rendement voor het eerst in de historie al kortstondig een fractie onder nul procent. Dat geeft aan dat beleggers meer betalen voor de obligaties dan ze de komende jaren aan inkomsten op de vaste rentebetalingen en aflossing over de lening mogen verwachten.
Het rendement en de waarde van een obligatie bewegen tegengesteld. Een dalend rendement wijst op een stijgende waarde en een toenemende vraag naar het schuldpapier. De lage rente maakt het zeer goedkoop voor overheden om geld te lenen. Tegelijkertijd zet het de financiële positie van bijvoorbeeld pensioenfondsen en verzekeraars sterk onder druk.

Obligatierentes

De obligatierentes staan wereldwijd al tijden onder druk door de zwakke economische groei, de hoge besparingen en het opkoopprogramma van de ECB. Sinds de Britse stem voor de brexit staat de Duitse tienjaarsrente ook onder nul. Die stond maandag op min 0,2 procent.
Ook rentes op Zuid-Europese staatsleningen nemen steeds verder af. De rente op Italiaanse en Spaanse leningen voor tien jaar bedraagt nog slechts 1,2 procent. Tijdens de dieptepunten van de Europese schuldencrisis werden nog pieken van ruim 7 procent bereikt. Bron: verzekeringsnieuws.nl

Nieuw pensioen? Zoek de verschillen

Sinds 1 juli 2016 is er de Pensioenvergelijker. Met dit instrument van de Pensioenfederatie en het Verbond van Verzekeraars kun je de verschillen zoeken tussen pensioenregelingen. Bijvoorbeeld als je van baan verandert en de bestaande en toekomstige pensioenregeling wilt vergelijken. De Pensioenvergelijker toont de pensioensoorten waarin de basispensioenregeling voorziet – en niet voorziet. Ze geeft informatie over de jaarlijkse pensioenopbouw. Ze wijst op de risico’s omtrent de pensioenuitkering. En geeft de dekkingsgraad aan plus een omschrijving van de betekenis en de gevolgen ervan.

Hier vind je de pensioenvergelijker >

De Pensioenvergelijker is niet vrijblijvend. De Wet pensioencommunicatie bepaalt namelijk dat ‘de werkgever er zorg voor draagt dat de werknemer met wie hij een pensioenovereenkomst heeft gesloten en die pensioenaanspraken verwerft, binnen drie maanden na de start van de verwerving door de pensioenuitvoerder wordt geïnformeerd’. De werkgever is dan ook verplicht de Pensioenvergelijker te verstrekken. Sinds 1 juli is dat nog digitaal, door te verwijzen naar de websites van de pensioenfondsen. Per uiterlijk 1 oktober 2016 zal ook de papieren verzending op orde moeten zijn.

Meer weten over je pensioen? Of hulp nodig bij het invullen? Ga naar www.adfiz.nl/finfin/pensioen

6 vragen over het studieleenstelsel

1. Voor wie geldt het studieleenstelsel?

Het leenstelsel geldt alleen voor nieuwe studenten. Als je voor het begin van het studiejaar 2015-2016 al was ingeschreven, houd je recht op een studiebeurs. Voor een bachelor aan de universiteit krijg je dan maximaal drie jaar een studiebeurs. Voor een bachelor aan de hogeschool maximaal vier jaar.

2. Hoe werkt lenen?

Studenten konden altijd al lenen om hun studie te betalen. Het aanvragen van een lening doe je bij de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO). Door de afschaffing van de basisbeurs is het maximale leenbedrag verhoogd. In 2016 kun je maximaal €1025,08 per maand lenen.

3. Hoe zit het met terugbetalen?

Na afloop van je studie ga je aflossen. Vroeger moest je de lening in uiterlijk 15 jaar terugbetalen. Dat is voortaan 35 jaar. Hoeveel je per maand moet aflossen, is afhankelijk van de hoogte van je lening en je inkomen. Heb je een laag inkomen, dan is de maandelijkse aflossing laag. Heb je een hoog inkomen, dan betaal je meer. Je betaalt nooit meer dan 4% van je inkomen boven het minimumloon. Als het financieel even tegenzit, mag je de aflossing maximaal 5 keer voor een jaar onderbreken. Natuurlijk kun je de lening ook sneller terugbetalen.

4. Hoe zit het met de rente?

Geld lenen kost altijd geld. Je betaalt immers rente. Het is dus verstandig om niet meer te lenen dan je echt nodig hebt. De rente op een lening bij DUO is wel lager dan de rente bij een bank. DUO stelt het rentepercentage elke 5 jaar opnieuw vast.

5. Wat gebeurt er met de aanvullende beurs?

Als je ouders weinig verdienen, kun je een aanvullende beurs krijgen. Dat was zo en blijft zo. De maximale aanvullende beurs is wel omhoog gegaan. Als je onder het leenstelsel valt kun je een aanvullende beurs van maximaal €383,77 (1 september 2016) krijgen.

6. Wat betekent het leenstelsel voor bijbaantjes?

Er was altijd een maximum hoeveel je als student mocht bijverdienen naast je studie. Deze regel verdwijnt. Voortaan maakt het niet uit hoeveel je met een bijbaantje verdient.

Bron: Wijzeringeldzaken.nl

NVM: ‘Tweedeling op woningmarkt groeit’

De tweedeling op de woningmarkt wordt steeds groter. Hiervoor waarschuwt makelaarsvereniging NVM bij de presentatie van de verkoopcijfers over het tweede kwartaal. Weliswaar groeit het aantal transacties en stijgen de verkoopprijzen maar met name Noord-Nederland blijft achter, net als het aanbod aan betaalbare nieuwbouw- en huurwoningen.

NVM-voorzitter Ger Jaarsma: “De verschillen in Nederland zijn groot en worden steeds groter, met regio’s die het goed doen en regio’s die stelselmatig achterblijven. Ook het aanbod – koop én huur – is niet toegerust om tegemoet te komen aan ieders woonwensen. Vooral de starters krijgen in toenemende mate problemen om aan een betaalbare koopwoning te komen. Dat is zorgelijk.”
In het tweede kwartaal 2016 kregen ruim 42.819 bestaande koopwoningen uit het NVM-bestand een andere eigenaar. Dat is bijna 15% meer dan een jaar geleden. Op de totale bestaande koopwoningmarkt gaat het naar schatting om totaal 55.500 transacties. De laatste vier kwartalen registreerde de NVM in totaal meer dan 153.000 transacties van bestaande koopwoningen bij haar makelaars, daarmee is het oude NVM-record uit de eerste helft van 2006 uit de boeken. Voor de gehele markt komt het aantal transacties over de afgelopen vier kwartalen uit op ruim 199.000 transacties. Eerder deze week lieten de cijfers van transactieplatform HDN eenzelfde beeld zien.

Prijzen 7% onder pre-crisis niveau
Ook de prijzen zijn het afgelopen kwartaal verder gestegen. Vergeleken met het vorige kwartaal werd voor de gemiddelde koopwoning 2,7% meer betaald. De prijsontwikkeling in vergelijking met een jaar eerder is +5,6%. De verkoopprijs van de gemiddeld verkochte woning ligt nog bijna 7% onder het niveau bij de start van de crisis, maar inmiddels wel 14% hoger dan op het dieptepunt.
De looptijd van verkochte woningen bedraagt nu 90 dagen, 21 dagen minder dan een jaar geleden. Bijna 13% van de woningen wordt boven de vraagprijs verkocht. In de NVM-regio Amsterdam gaat het om meer dan de helft van de verkochte woningen.
Het aantal woningen dat in Nederland te koop staat neemt steeds sneller af. Halverwege het 2de kwartaal 2016 (de peildatum voor het aanbod) staan er bij NVM-makelaars bijna 111.500 woningen in aanbod (totale markt: 145.000 woningen). Dat is 21% minder dan een jaar geleden. Een potentiële koper kon in het 2de kwartaal 2016 kiezen uit amper 8 woningen. Het vorige kwartaal had een consument nog keuze uit 10 woningen.

Bestaande koopwoning enig alternatief
NVM voorziet dat het vertrouwen in de woningmarkt nog wel even in de lift blijft: “Ook het gebrek aan alternatieven maakt een bestaande koopwoning vaak de enig overgebleven mogelijkheid voor – potentiële – kopers. In gebieden met een krappe woningmarkt zijn te weinig nieuwbouwwoningen of vrije sector-huurwoningen aanwezig om aan de vraag te voldoen.” De NVM-regio Amsterdam spant daarbij de kroon: daar daalde het aantal transacties in vergelijking met een jaar eerder met ruim 7%. Ook in omliggende regio’s als Zuid-Kennemerland en de Bollenstreek is het aantal transacties niet verder toegenomen ten opzichte van een jaar eerder. Jaarsma: “In grote delen van het land ligt het aantal transacties nu hoger dan destijds. Vooral in de noordelijke regio’s blijft het aantal transacties echter achter. In de regio’s in Limburg is het positieve beeld mede het gevolg van het toegenomen marktaandeel van de NVM aldaar. En Zeeuws-Vlaanderen is in trek bij de Belgen.”
Bron: AMweb

Spaartarieven blijven dalen

Spaarrentetarieven hebben de bodem nog niet bereikt. Dit blijkt uit de rentecijfers van het tweede kwartaal. Net als in de eerste drie maanden van 2016 is ook in het tweede kwartaal een duidelijke daling van de spaarrente tarieven waar te nemen.

Op de Nederlandse spaarmarkt worden sinds begin juni geen spaarrekeningen zonder beperkende voorwaarden meer aangeboden, waarbij de rente 1% of hoger is. Toch zijn er nog twee producten waarbij nog wel een rente van boven 1% verkregen kan worden, namelijk 1,10%. Dit geldt voor Knab Kwartaal Sparen en RegioBank Eigen Huis Sparen. Zo wordt bij het product van Knab een bonusrente verkregen wanneer het saldo ten minste een kalenderkwartaal op de rekening staat. Bij Eigen Huis Sparen van RegioBank gelden opnamekosten, tenzij het saldo wordt opgenomen voor aankoop van een huis (of grond), aflossing van een hypothecaire geldlening, de huur van een woning of als het kind van de rekeninghouder een eigen huis gaat kopen.
(Bron: MoneyView)

Fors meer hypotheekaanvragen in eerste halfjaar 2016

Het aantal hypotheekaanvragen is in het eerste halfjaar van 2016 met ruim 8 procent gestegen vergeleken met dezelfde periode een jaar geleden. Er werden in totaal ruim 160.000 hypotheken aangevraagd.

Dat meldt het Hypotheken Data Netwerk (HDN), de organisatie die voor ruim 75 procent van de hypotheekaanvragen in Nederland de gegevensuitwisseling verzorgt. Sinds 2013 stijgt het aantal hypotheekaanvragen. In de maand juni viel het aantal hypotheekaanvragen wel een kwart lager uit dan vorig jaar. Dit komt volgens HDN door de aanscherping van de regels voor Nationale Hypotheek Garantie (NHG), die per 1 juli 2015 ingingen. Hierdoor ontstond een jaar geleden een grote piek.

Bron: HDN

Amper meer doorstroming door huurverhoging

Het aantal scheefwoners, mensen in een sociale huurwoning die eigenlijk te goedkoop voor ze is, daalt.
Het is tussen 2012 en 2015 met een kwart afgenomen, aldus woonminister Stef Blok. Dit komt echter nog niet door de inkomensafhankelijke huurverhoging, die is ingevoerd om scheefwoners te porren te verhuizen en dit huis achter te laten voor mensen die het financieel minder hebben getroffen.

De bewindsman verklaart de afname van het aandeel scheefwoners vooral door de strengere toewijzingseisen voor een huis in de sociale sector. Hij denkt dat het nog te vroeg is voor resultaten van de inkomensafhankelijke huurverhoging, die sinds drie jaar mag worden gevraagd. Niet iedere woningcorporatie doet dat ook.
Bron: verzekeringsnieuws.nl